Zingen in het grote koor




Er is een man
die naar de dood toeleeft.
Hoe lang hij nog
te leven heeft
is onbekend.
Hij lijdt,
beweegt zich voort
door medicijnen
maar leeft toe naar
beloften uit Gods Woord.
Zo nu en dan
bezoekt hij graven
van goede vrienden
en vraagt zich daarbij af
of ze al zingen
in het Grote Koor.

Er was een Man
die naar de dood
toeleefde.
Hij heeft het lijden
van de mensen
niet gewild,
ontfermt zich
over hen die
diep gelovig
door Hem
over het lijden
worden heen getild.


Uit de bundel “Geloofsvreugde” (2013)

Is het al licht?




Het licht dat schittert in de ogen
van ieder die van liefde brandt
als over Christus wordt gesproken,

het licht dat schijnt in alle blijden
die verlangend naar Zijn komst
hun vreugdevuur verspreiden,

het licht gericht op ‘t Koningskind
dat het kwade overwon,
en de duisternis verblindt,

dit licht zal op het kerstfeest branden
en stralen als een warmend vuur
in die aan Hem hun hart verpanden.

Leeft iemand nog in duisternis?
Geef dan als die herders door
wat jou aan glans gegeven is.


Uit de bundel “Het pinkstert!” (2012)